Één telefoontje en de sfeer is verpest. Verziekt, vertiefd & totaal verneukt. Sorry, ik heb er geen andere woorden voor. Normaal ben ik nooit zo grofgebekt, maar deze hele situatie, die al deze shit met zich meebrengt geeft me geen andere keus. Het voelt soms alsof ik niet meer helder na kan denken. Alsof het iets is waar ik verslaafd aan ben geraakt. Een soort drugs. Je hebt het nodig als alles goed gaat en al helemaal als alles slecht gaat. Je wilt het als je het niet nodig hebt en hebt het nodig als je het niet wil. Het is als een soort cirkel en als je er eenmaal inzit is het zo verdomde lastig om er weer uit te komen en te doen alsof alles oke, alsof je alles onder controle hebt en er niets aan het handje is.
Terwijl we wachten en we tegen elkaar aanleunen om de stenen muur nog enigszins comfortabel te doen lijken, voel ik je telefoon trillen tegen me bovenbeen. "Je wordt gebelt" zeg ik. Hij kijkt me aan en gaat met zijn hand in zijn broekzak. "Bijdehandje" zegt hij lachend terwijl hij met zijn hand door me haar strijkt. Ik glimlach terug en trek zijn pet omlaag. Vrolijk nam hij op, maar na een paar tellen veranderd de blik in zijn ogen. Hij maakt zich los van me en loopt een stukje van me vandaan. Soms voel je gewoon dat er iets niet goed is, alsof de wereld ineens stil lijkt te staan, maar tegelijkertijd als een bezetene te keer gaat en door lijkt te draaien. Ik wil hem achterna lopen, wetend wie hij belt en wat er is, maar iets in me zegt dat ik gewoon moet blijven staan. Ik hoor hem achter me lopen. Hij ijsbeert heen en weer. " Wat wil je nou?" hoor ik hem schreeuwen. Ik draai me om, maar als ik zie dat hij naar me kijkt draai ik me snel weer teurg. Ik hoor hem schelden en tieren, als een wild dier schreeuwt hij door de telefoon en gebruikt scheldwoorden waarvan ik nog nooit gehoord heb. Allerlei ziektes vliegen over het plein. Als hij niet scheld en schreeuwt is hij stil. Af en toe kijk ik kom en een paar keer lijkt het alsof de tranen over zijn wangen lopen. Moet ik naar hem toelopen? Een arm om hem heen slaan? Of hem toch maar laten? Net als ik besluit om toch maar naar hem toe te gaan, heeft hij opgehangen en staat hij voor me neus. Zijn lichaamstaal is duidelijk, hij wil er niet over praten. Het hoeft ook niet, ik weet genoeg. Helaas weet ik wat hij bedoeld, wie het was en wat er gaande is. Één blik naar elkaar is genoeg. Één knuffel, om even alles te vergeten samen lijkt nu het enige medicijn. Maar hoe hard we ook knuffelen te midden van zoveel mensen, vergeten doen we het niet. Kon dat maar, even alles vergeten door één knuffel.
"Ik haat je." zegt hij, terwijl hij me recht in mijn ogen kijkt. Ik slik. "Zeg niet van die domme dingen, je weet zelf ook dat je het niet meent." Ik kijk weg, heb hier absoluut geen zin in. Niet nu, niet hier. "Nee, verdomme. Ik weet het ook wel." mompelt hij. Even wil ik hem vragen waarom hij het dan zegt, ik zou naar hem willen schreeuwen zoals hij tegen mij deed, ik zou tegen zijn borst willen slaan en huilend in een willen zakken, ik zou hem de hele huid vol willen schelden, puur en alleen omdat het zoveel op zou luchten. Om even alles kwijt te zijn en los te maken. Maar ik doe het niet, verder dan een fluisterende "klootzak" kom ik niet. Gewoon omdat ik simpel weg te zwak ben. Te soft en te moe, veels te moe.